De Europese Commissie introduceert een nieuw openbaar beoordelingssysteem voor datacenters. Vanaf 2027 krijgen datacenters die onder de Europese rapportageverplichting vallen een label waarop onder meer hun energie- en waterefficiëntie zichtbaar wordt. Daarmee wil Brussel het eenvoudiger maken om prestaties van datacenters op een uniforme manier te beoordelen.
Het systeem bouwt voort op regelgeving die al sinds 2024 van kracht is. Datacenters met een geïnstalleerd IT-vermogen van minimaal 500 kW moeten sindsdien informatie aanleveren over onder meer stroomverbruik, watergebruik, hernieuwbare energie en het benutten van restwarmte. Nieuw is dat een deel van deze informatie nu ook wordt vertaald naar een publiek herkenbaar beoordelingsmodel.
De Europese Commissie publiceerde de nieuwe regeling op 21 september. De eerste labels moeten uiterlijk 15 augustus 2027 beschikbaar zijn. Daarna worden zij jaarlijks bijgewerkt.
PUE en WUE krijgen centrale plaats
Op het nieuwe label krijgen twee bekende indicatoren uit de datacentersector een prominente rol: Power Usage Effectiveness en Water Usage Effectiveness.
PUE geeft aan hoeveel energie een datacenter in totaal gebruikt ten opzichte van het energiegebruik van de IT-apparatuur zelf. Een lage PUE duidt erop dat relatief weinig energie verloren gaat aan ondersteunende systemen zoals koeling en stroomvoorziening.
Binnen de nieuwe Europese indeling worden datacenters voor PUE ondergebracht in zeven klassen, van A tot en met G. Klasse A geldt voor een PUE van maximaal 1,15. Datacenters met een PUE boven 1,9 komen in klasse G terecht.
Voor water wordt een vergelijkbaar model gebruikt. WUE meet hoeveel water een datacenter gebruikt in verhouding tot het energiegebruik van de IT-systemen. Een WUE van maximaal 0,1 valt in klasse A. Waarden boven 1,0 vallen in klasse G.
Door beide indicatoren op het label te plaatsen, wil de Europese Commissie voorkomen dat energie-efficiëntie los van watergebruik wordt beoordeeld. Dat is relevant omdat koeloplossingen die elektriciteit besparen soms juist meer water gebruiken.
Meer informatie dan alleen een letter
Het Europese label bevat meer dan alleen een energie- en waterklasse. Ook informatie over het datacenter zelf wordt opgenomen, zoals het type locatie, de exploitant, de grootteklasse en het moment waarop het datacenter operationeel is geworden.
Daarnaast komt er informatie beschikbaar over het aandeel hernieuwbare energie en over de mogelijkheden om restwarmte te benutten.
De Commissie introduceert hiervoor onder andere de aanduiding waste heat reuse ready. Daarmee wordt aangegeven of een datacenter technisch geschikt is om restwarmte buiten de locatie beschikbaar te stellen. Dat betekent niet automatisch dat deze warmte ook daadwerkelijk wordt afgenomen door bijvoorbeeld woningen, bedrijven of warmtenetten.
Ook krijgt ieder label een QR-code. Via die code kan worden doorgelinkt naar de Europese database waarin aanvullende informatie over het betreffende datacenter beschikbaar is.
Klimaat speelt mee in vergelijking
Een rechtstreekse vergelijking tussen datacenters is niet altijd eenvoudig. Een locatie in Finland heeft bijvoorbeeld een ander koelprofiel dan een datacenter in Spanje of Italië.
Daarom houdt het Europese model ook rekening met klimaatomstandigheden. Een van de factoren die worden meegenomen is het aantal Cooling Degree Days. Daarmee wordt inzichtelijk gemaakt hoe groot de koelbehoefte op een locatie is als gevolg van de buitentemperatuur.
Dat moet voorkomen dat datacenters uitsluitend op basis van een enkel cijfer worden beoordeeld, zonder rekening te houden met de omstandigheden waaronder zij opereren.
De Commissie benadrukt ook dat PUE en WUE in samenhang moeten worden bekeken. Een datacenter kan bijvoorbeeld een zeer lage PUE behalen met een koelconcept dat relatief veel water gebruikt. Omgekeerd kan een waterzuinige installatie meer elektriciteit verbruiken.
Rapportage bestaat al langer
De invoering van het label betekent niet dat Europa nu pas gegevens over datacenters gaat verzamelen.
De basis hiervoor werd gelegd met de herziene Energy Efficiency Directive. Op basis daarvan moeten datacenters vanaf 500 kW geïnstalleerd IT-vermogen al sinds 2024 jaarlijks informatie aanleveren over hun prestaties.
Tot nu toe werden veel van deze gegevens vooral geaggregeerd gepubliceerd. Hierdoor konden bijvoorbeeld gemiddelde PUE- en WUE-cijfers per land, type datacenter of grootteklasse worden bekeken, zonder dat prestaties direct aan individuele locaties werden gekoppeld.
Het nieuwe systeem verandert dat. De database genereert straks voor afzonderlijke datacenters een elektronisch label dat publiek toegankelijk wordt.
Exploitanten moeten dat label beschikbaar kunnen stellen aan partijen die erom vragen. Zij kunnen daarbij verwijzen naar de Europese database of het label via hun eigen website publiceren.
Deelname voor kleinere datacenters mogelijk
De verplichte regeling blijft gekoppeld aan de grens van 500 kW geïnstalleerd IT-vermogen. Kleinere locaties hoeven dus niet automatisch mee te doen.
De Europese Commissie maakt vrijwillige deelname echter wel mogelijk. Ook kleinere datacenters kunnen hun prestaties laten opnemen in het systeem. Zelfs locaties die nog in ontwikkeling zijn, kunnen op basis van verwachte prestaties deelnemen.
Daarmee kan het label uiteindelijk breder worden gebruikt dan alleen door de datacenters die wettelijk verplicht zijn gegevens te rapporteren.
Mogelijk voorbode van strengere eisen
Het beoordelingssysteem past in een bredere Europese aanpak van de datacentersector. Naast transparantie kijkt Brussel ook naar mogelijke minimumeisen voor de prestaties van datacenters.
Daarvoor wordt gewerkt aan zogenoemde Minimum Performance Standards. Die zouden op termijn kunnen bepalen aan welke minimale eisen datacenters op het gebied van energie-efficiëntie moeten voldoen.
Dat speelt tegen de achtergrond van een snel groeiende vraag naar datacentercapaciteit. Vooral AI-systemen zorgen voor een sterke stijging van het benodigde vermogen. Tegelijkertijd lopen Europese landen tegen beperkingen aan op het gebied van elektriciteitsnetten, energieproductie en op sommige locaties ook waterbeschikbaarheid.
Met het nieuwe label probeert de Europese Commissie daarom niet alleen prestaties zichtbaar te maken, maar ook één gemeenschappelijke meetlat voor de Europese datacentermarkt te introduceren.
Voor datacenterexploitanten betekent dit dat technische indicatoren als PUE en WUE steeds meer een publieke betekenis krijgen. Waar deze cijfers jarenlang vooral werden gebruikt door engineers, klanten en duurzaamheidsafdelingen, worden zij vanaf 2027 ook onderdeel van een openbaar Europees beoordelingssysteem.
Meer informatie over de nieuwe regeling is te vinden op de website van de Europese Commissie:
https://energy.ec.europa.eu/publications/commission-delegated-regulation-establishing-common-union-rating-scheme-data-centres-and-annexes_en

0 Reacties