De ruimte wordt door technologiebedrijven steeds vaker gepresenteerd als mogelijke oplossing voor het snel groeiende energiegebruik van kunstmatige intelligentie. Datacenters in een baan rond de aarde zouden vrijwel continu zonne-energie kunnen gebruiken en geen schaarse grond of lokaal drinkwater nodig hebben. Maar milieuorganisaties en ruimtevaartdeskundigen waarschuwen dat deze aanpak nieuwe en mogelijk zeer ingrijpende milieuproblemen veroorzaakt.
Bedrijven als SpaceX en Blue Origin onderzoeken plannen om grote hoeveelheden rekenkracht in een baan rond de aarde te brengen. De benodigde infrastructuur zou niet bestaan uit één traditioneel datacenter, maar uit omvangrijke netwerken van satellieten die gezamenlijk AI-modellen en andere toepassingen verwerken.
De schaal van sommige voorstellen is uitzonderlijk. SpaceX heeft bij de Amerikaanse telecomtoezichthouder FCC toestemming gevraagd voor een systeem van maximaal één miljoen satellieten in een lage baan om de aarde. Ook andere bedrijven hebben aanvragen ingediend. De voorstellen kunnen ertoe leiden dat het huidige aantal actieve satellieten vele malen groter wordt. Op dit moment draaien ongeveer 15.000 actieve satellieten rond de aarde. ([Space][1])
Milieuonderzoek geëist
Een coalitie van milieu- en wetenschapsorganisaties heeft de FCC daarom gevraagd voorlopig geen nieuwe vergunningen voor ruimtedatacenters te verstrekken zonder een uitgebreid milieuonderzoek. Onder meer Earthjustice, Public Employees for Environmental Responsibility en DarkSky International hebben zich bij het initiatief aangesloten.
Volgens de Belgische website Nieuwsblad vrezen milieu- en andere deskundigen dat de plannen van onder andere SpaceX en Blue Origin zware milieuschade kunnen veroorzaken. De bezwaren richten zich niet alleen op het energiegebruik of de raketlanceringen, maar vooral op de gevolgen van miljoenen satellieten die tijdens en na hun levensduur materiaal in de atmosfeer achterlaten.
Satellieten blijven doorgaans vijf tot vijftien jaar operationeel. Daarna worden zij vaak gecontroleerd teruggestuurd naar de atmosfeer, waar een groot deel van het materiaal door de hitte verdampt. Daarbij kunnen onder andere aluminiumoxiden, metalen en andere deeltjes in de hogere atmosfeer terechtkomen. Raketten veroorzaken daarnaast uitstoot van onder meer zwarte koolstof, stikstofoxiden, koolmonoxide en aluminiumoxide.
Wat deze stoffen precies met de stratosfeer en de ozonlaag doen, is nog onvoldoende bekend. Juist die onzekerheid vormt volgens de organisaties een reden om eerst onderzoek te doen voordat vergunningen voor grootschalige constellaties worden afgegeven. Metingen hebben inmiddels aangetoond dat in stratosferische aerosolen metalen voorkomen die afkomstig kunnen zijn van raketten en terugkerende ruimtevaartuigen. De mogelijke gevolgen voor de chemische samenstelling van de atmosfeer zijn nog nauwelijks onderzocht.
Nachtelijke hemel verandert
Een tweede belangrijk bezwaar betreft lichtvervuiling. Satellieten weerkaatsen zonlicht en kunnen daardoor ook na zonsondergang zichtbaar blijven. Bij een netwerk van honderdduizenden of zelfs een miljoen satellieten zou de nachtelijke hemel ingrijpend veranderen.
In de petitie aan de FCC wordt verwezen naar simulaties waaruit blijkt dat onder bepaalde omstandigheden meer satellieten dan sterren met het blote oog zichtbaar kunnen zijn. De lichtpunten zouden als bewegende patronen door de hemel trekken. Dat vormt niet alleen een probleem voor professionele en amateurastronomen, maar kan ook gevolgen hebben voor dieren die afhankelijk zijn van natuurlijke duisternis.
Kunstlicht kan bijvoorbeeld het foerageergedrag, de migratie en het voortplantingsritme van vogels, insecten, vleermuizen en andere nachtdieren verstoren. DarkSky International waarschuwt daarom dat ruimtedatacenters de nachtelijke hemel permanent kunnen veranderen.
Meer kans op botsingen
Ook de veiligheid in de ruimte speelt een rol. Hoe meer satellieten worden gelanceerd, hoe groter de kans op botsingen. Daarbij kunnen grote hoeveelheden ruimtepuin ontstaan. Brokstukken kunnen vervolgens andere satellieten raken en nieuwe botsingen veroorzaken.
Dat risico is niet alleen relevant voor commerciële telecombedrijven. Ook weersatellieten, aardobservatiesystemen, wetenschappelijke missies en bemande ruimtevaart maken gebruik van banen rond de aarde. Een sterke toename van het aantal objecten kan het beheer van die banen aanzienlijk ingewikkelder maken.
De milieuorganisaties benadrukken dat de afzonderlijke aanvragen niet los van elkaar mogen worden beoordeeld. De gezamenlijke effecten van verschillende constellaties kunnen veel groter zijn dan de impact van één project. In de ingediende plannen zou nog onvoldoende worden uitgelegd hoe bedrijven botsingen, luchtvervuiling, lichtvervuiling en het opruimen van afgedankte hardware willen voorkomen.
Aantrekkelijk concept met praktische beperkingen
Het idee achter ruimtedatacenters blijft op papier aantrekkelijk. Zonnepanelen kunnen in een geschikte baan langdurig elektriciteit produceren, terwijl warmte via straling aan de ruimte kan worden afgegeven. Ook zouden gegevens van aardobservatiesatellieten direct in de ruimte verwerkt kunnen worden, waardoor minder ruwe data naar grondstations hoeft te worden verzonden.
Tegelijkertijd zijn er grote technische obstakels. De hardware moet bestand zijn tegen straling, extreme temperatuurwisselingen en de krachten tijdens een lancering. Reparatie en vervanging zijn veel moeilijker dan bij een datacenter op aarde. Bovendien vormt datatransmissie een belangrijk knelpunt: traditionele datacenters wisselen intern enorme hoeveelheden gegevens uit, terwijl verbindingen tussen satellieten en de aarde veel minder capaciteit bieden.
De discussie verschuift daarmee van de vraag of datacenters technisch in de ruimte kunnen functioneren naar de vraag onder welke voorwaarden dat verantwoord zou zijn. De indieners van de petitie pleiten niet noodzakelijk voor een definitief verbod. Zij willen vooral dat de milieu-impact, de cumulatieve risico’s en mogelijke alternatieven worden onderzocht voordat de ruimte wordt gevuld met grootschalige AI-infrastructuur.

0 Reacties