Sinds de aankondiging van CSRD is een industrie ontstaan rond rapportagetooling, ESG-dashboards en assurance-trajecten. In veel organisaties is de reflex hetzelfde: “welke data moeten we aanleveren?” in plaats van “welk systeemgedrag moeten we begrijpen?”
Dat is problematisch, zeker in IT-intensieve sectoren. CSRD is geen uitbreiding van financiële verslaglegging, maar een bestuurlijke herijking: organisaties moeten laten zien dat zij hun impact begrijpen, sturen en verbeteren. Dat lukt niet met indicatoren die losstaan van de operatie.
Energie zonder functionaliteit is betekenisloos
Energie is in CSRD geen doelvariabele, maar een afgeleide. Het gaat niet om kilowatturen op zichzelf, maar om wat daarmee wordt gerealiseerd. In IT-omgevingen ontbreekt die koppeling vrijwel altijd.
Datacenters weten:
- hoeveel energie ze inkopen
- hoeveel energie ze verbruiken
- hoe efficiënt hun infrastructuur is
Maar ze weten vaak niet:
- hoeveel IT-capaciteit structureel ongebruikt blijft
- welk deel van het energieverbruik geen functionele output oplevert
- waar verspilling ontstaat door ontwerpkeuzes
Hierdoor ontstaat een fundamentele disconnect tussen energiecijfers en digitale waardecreatie.
PUE als voorbeeld van contextloos meten
PUE is symptomatisch voor dit probleem. Als infrastructuurmetric is PUE waardevol. Als duurzaamheidsmetric is zij misleidend. Toch wordt PUE in CSRD-contexten impliciet gebruikt als indicator voor “goed gedrag”.
Dat leidt tot absurde situaties:
- een datacenter met 30 – 40% serverbenutting en een uitstekende PUE scoort “goed”
- een datacenter met hogere benutting maar minder optimale koeling scoort “slechter”
Vanuit systeemlogica is dat onhoudbaar.
CSRD en de eis van aantoonbare verbetering
ESRS E1 vereist dat organisaties niet alleen rapporteren, maar ook laten zien:
- welke maatregelen zij nemen
- waarom deze maatregelen effect hebben
- hoe verbeteringen worden gemeten
Zonder operationele IT-metrics is dat onmogelijk. Verbetering kan niet worden aangetoond als:
- baseline ontbreekt
- causaliteit ontbreekt
- reproduceerbaarheid ontbreekt
CSRD dwingt daarmee impliciet tot betere operationele meetmethodieken — ook al benoemt de richtlijn die niet expliciet.
IT-5IT-efficiëntie als ontbrekende schakelefficiëntie als ontbrekende schakel
IT-efficiëntie is geen vanzelfsprekende metric. Performance, beschikbaarheid en schaalbaarheid waren decennialang dominant. Energie was secundair. Dat verandert nu.
Metrics zoals de Server Idle Coefficient maken zichtbaar wat eerder verborgen bleef: structurele inefficiëntie die niet voortkomt uit falen, maar uit ontwerp.
Hier verschuift het debat:
- van schuld naar inzicht
- van optimalisatie naar systeemontwerp
- van compliance naar besturing
Normering: waarom individuele definities falen
Zonder normering ontstaat interpretatievrijheid. Iedere organisatie definieert “efficiënt” anders. Dat ondermijnt vergelijkbaarheid en vertrouwen.
De Stichting Save Energy Foundation adresseert dit door meetprincipes te structureren, niet door nieuwe fysica te introduceren. Het doel is niet gelijk krijgen, maar vergelijkbaarheid mogelijk maken.
Van metric naar governance
Een metric zonder governance is een spreadsheet. CSRD vraagt om metrics die:
- consistent toepasbaar zijn
- controleerbaar zijn
- auditeerbaar zijn
Daarmee wordt IT-efficiëntie een bestuurlijk onderwerp.
Operationalisering via integratie
Zonder tooling blijft normering academisch. Zirrow verbindt IT-gedrag, energieverbruik en koeling tot één bestuurbare werkelijkheid. Daardoor ontstaat een directe lijn van operatie naar verantwoording.
Conclusie
CSRD faalt niet omdat de regels slecht zijn, maar omdat de onderliggende operationele taal ontbreekt. Wie CSRD serieus neemt, moet IT-efficiëntie meetbaar maken — niet achteraf, maar structureel.

0 reacties