30 september 2026

0 Reactie(s)

30 september 2026

Darkfiber tussen Delft en Rotterdam wordt proeftuin voor quantuminternet

Eurofiber en Delft Networks hebben tussen Delft en Rotterdam een darkfi­ber­ver­bin­ding gerea­li­seerd die geschikt is voor zogeheten Entang­le­ment-Based Quantum Networks. De verbin­ding moet vooral als praktijk­test dienen: de partijen willen onder­zoeken of quantum­ver­stren­ge­ling betrouw­baar kan worden toege­past over bestaande glasve­zel­in­fra­struc­tuur. Daarmee komt een toekom­stig quantu­min­ternet weer een stap dichterbij.

Interes­sant aan het project is dat hiervoor geen volledig nieuw fysiek netwerk wordt aange­legd. De onder­zoe­kers maken gebruik van bestaande glasve­zel­in­fra­struc­tuur van Eurofiber. Over een darkfi­ber­ver­bin­ding kunnen de partijen experi­men­teren met het versturen en distri­bu­eren van quantum­sig­nalen tussen Delft en Rotterdam.

Het uitein­de­lijke doel gaat daarbij verder dan het bevei­ligen van bestaande datacom­mu­ni­catie. Delft Networks en Eurofiber willen onder­zoeken hoe quantum­ge­heu­gens op verschil­lende locaties met elkaar kunnen worden verbonden en hoe zo’n verbin­ding gedurende langere tijd in stand kan worden gehouden.

Verstrengeling als basis voor een quantumnetwerk

Centraal in het project staat quantum­ver­stren­ge­ling, of *quantum entang­le­ment*. Daarbij worden quantum­toe­standen van twee deeltjes zodanig met elkaar verbonden dat metingen aan het ene systeem samen­hangen met die aan het andere, ook wanneer beide zich op verschil­lende locaties bevinden.

Dat principe kan uitein­de­lijk worden gebruikt om quantu­m­ap­pa­raten daadwer­ke­lijk met elkaar te verbinden. Denk bijvoor­beeld aan quantum­com­pu­ters, zeer nauwkeu­rige sensoren en quantum­klokken. In plaats van losse quantum­sys­temen ontstaan dan netwerken waarin verschil­lende quantu­m­ap­pa­raten gezamen­lijk kunnen functioneren.

Daarmee verschilt deze ontwik­ke­ling ook van veel huidige projecten rond quantum­vei­lige commu­ni­catie. Bij Quantum Key Distri­bu­tion, of QKD, wordt quantum­tech­no­logie bijvoor­beeld gebruikt voor het veilig distri­bu­eren van crypto­gra­fi­sche sleutels. Eurofiber is al bij verschil­lende Neder­landse projecten op dit gebied betrokken, waaronder initi­a­tieven in Rotterdam en verbin­dingen tussen datacenters.

Een entang­le­ment-based quantum­net­werk gaat een stap verder. Verstren­ge­ling wordt daarbij een netwerk­re­source die tussen verschil­lende nodes kan worden opgebouwd en verdeeld. Dat is een belang­rijke bouwsteen voor wat uitein­de­lijk een volwaardig quantu­min­ternet zou kunnen worden.

Van laboratorium naar operationeel glasvezelnetwerk

Juist daarom is de verbin­ding tussen Delft en Rotterdam interes­sant. Veel quantum­ex­pe­ri­menten vinden plaats onder zorgvuldig gecon­tro­leerde labora­to­ri­um­om­stan­dig­heden. Een opera­ti­o­neel telecom­net­werk stelt andere eisen.

De nieuwe verbin­ding wordt gebruikt om onder meer de presta­ties, stabi­li­teit en schaal­baar­heid van de distri­butie van quantum­ver­stren­ge­ling te onder­zoeken. Daarbij spelen prakti­sche problemen als signaal­ver­zwak­king en nauwkeu­rige synchro­ni­satie een belang­rijke rol. Ook moet de quantum­tech­no­logie uitein­de­lijk kunnen worden geïnte­greerd in infra­struc­tuur die voldoet aan de eisen die telecom­ope­ra­tors aan hun netwerken stellen.

“Ons project laat zien hoe bestaande glasve­zel­in­fra­struc­tuur kan meegroeien om de volgende generatie quantum­tech­no­lo­gieën te onder­steunen”, zegt Marc Hulzebos, innova­tiema­nager bij Eurofiber. Volgens hem gaat het daarbij uitein­de­lijk om het combi­neren van klassieke netwerken en quantumnetwerktechnologie.

Ronald Hanson, CEO van Delft Networks, ziet vooral het belang van experi­men­teren buiten het labora­to­rium. Door quantum­ver­stren­ge­ling over opera­ti­o­nele telecom­net­werken toe te passen, kunnen volgens hem de prakti­sche beper­kingen beter in kaart worden gebracht. Die kennis moet vervol­gens helpen om de stap van onder­zoek en ontwik­ke­ling naar groot­scha­liger toepas­sing te maken.

Delft bouwt verder aan quantumexpertise

Delft Networks komt voort uit het Neder­landse quantu­mon­der­zoek. Het bedrijf werd in 2024 afgesplitst van QuTech aan de TU Delft en richt zich speci­fiek op techno­logie voor quantum­net­werken. Het team bouwt daarbij voort op onder­zoek naar onder meer quantum­ver­bin­dingen op basis van solid-state diamond qubits en software voor quantumnetwerknodes.

De verbin­ding met Rotterdam past tegelij­ker­tijd in een bredere ontwik­ke­ling in Zuid-Holland. In de Rotter­damse haven wordt bijvoor­beeld al langer geëxpe­ri­men­teerd met quantum­com­mu­ni­catie. In 2024 werd daar een schaal­baar quantum­net­werk gedemon­streerd waarbij een centrale quantumhub werd verbonden met eindpunten bij verschil­lende organi­sa­ties in de haven.

In juni 2026 ging boven­dien het Quantum Commu­ni­ca­tion Fieldlab Rotterdam van start. Daar worden quantum­vei­lige commu­ni­ca­tie­tech­no­lo­gieën onder praktij­kom­stan­dig­heden getest en gevali­deerd, met bijzon­dere aandacht voor toepas­sing in kritieke en publieke infrastructuur.

De nieuwe Delft-Rotter­dam­ver­bin­ding voegt daar een andere dimensie aan toe. Waar veel bestaande projecten zich vooral richten op quantum­vei­lige encryptie en QKD, draait het nieuwe project om het distri­bu­eren van quantum­ver­stren­ge­ling en uitein­de­lijk het koppelen van quantumapparaten.

Bestaande glasvezel krijgt nieuwe functie

Voor telecom- en infra­struc­tuur­spe­ci­a­listen is vooral interes­sant dat de experi­menten laten zien dat bestaande glasve­zel­in­fra­struc­tuur mogelijk een belang­rijke rol kan krijgen in toekom­stige quantum­net­werken. Een quantu­min­ternet hoeft daarmee niet noodza­ke­lijk te betekenen dat naast het huidige internet een compleet nieuwe fysieke glasve­zel­in­fra­struc­tuur moet worden aangelegd.

Wel zal nog veel techno­logie nodig zijn om derge­lijke netwerken daadwer­ke­lijk op grote schaal bruik­baar te maken. Het betrouw­baar distri­bu­eren van quantum­toe­standen over grotere afstanden is technisch aanzien­lijk ingewik­kelder dan het trans­por­teren van conven­ti­o­nele optische datasignalen.

De Delft-Rotter­dam­ver­bin­ding moet juist helpen duide­lijk te maken waar die prakti­sche grenzen liggen. Het project vormt daarmee vooral een volgende stap tussen experi­men­tele quantum­net­werken in het labora­to­rium en quantum­ver­bin­dingen die uitein­de­lijk onder­deel kunnen worden van reguliere telecominfrastructuur.

Het project krijgt finan­ciële onder­steu­ning vanuit het Regional Quantum Program van QDNL Delft. Daarbij zijn onder andere de provincie Zuid-Holland, de Metro­pool­regio Rotterdam Den Haag en de gemeenten Delft, Leiden, Rotterdam en Den Haag betrokken.

0 Reactie(s)

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Reacties gesloten

De reactiemogelijkheid is verlopen. (14 dagen)

Nieuwsbrief

Pin It on Pinterest

Share This